|
Celemi Ervaringen met het meten van immateriële activa |
|
Het Zweedse adviesbureau Celemi helpt organisaties hun performance te verbeteren. Met behulp van simulaties als Mando™ en Tango™ helpt Celemi om zicht te krijgen op, en het effectiever gebruik maken van, de bronnen van waardecreatie in organisaties. In lijn met het Intellectual Capital gedachtegoed, gaat het dan niet alleen om de financiële waarde, maar ook om de immateriële waarde. Practice what you preach Vanuit de gedachte practice what you preach publiceert Celemi sinds 1995 een Intellectual Capital jaarverslag, gebaseerd op de Intangible Assets Monitor (IAM) van Sveiby. In de periode 1995-1998 groeide het aantal (vaste) medewerkers van 30 naar 80 en verdubbelde de omzet naar ongeveer Hfl. 25 miljoen. Verder ontving Celemi in 1999 de MAKE-award, een prijs voor de most admired knowledge enterprise in Europa. Reden genoeg om eens goed te kijken naar de bronnen van waardecreatie. Hieronder een impressie van vier jaarverslagen (1995-1998). Intangible Assets Monitor In 1995 kreeg Karl Erik Sveiby, als externe auditor, het verzoek om beoordeling te maken van de performance van de immateriële activa van Celemi. Deze eerste kennis-audit, leidde tot de opzet van de Celemi Score Card 1995. In deze Score Card worden de immateriële activa verdeeld in drie typen (customers, organization en people), die ieder weer zijn onderverdeeld in drie typen indicatoren (Growth/renewal, Efficiency en Stability). Hoewel het eerste jaar een sterk experimenteel karakter had (zo werd bijv. nadrukkelijk vermeld dat de keuze van indicatoren door Sveiby was gemaakt) legde het een solide basis voor de verslaglegging van de immateriële activa. Wel is de naam Score Card in 1996 gewijzigd in Intangible Assets Monitor, waarschijnlijk om zich meer te onderscheiden van de Balanced Score Card van Kaplan en Norton. In 1997 werd de Celemi-IAM uitgebreid met een gewogen methode, die inzicht gaf in de ontwikkeling van de organisatie, afgezet tegen het strategisch plan. De gedachte achter deze aanvulling is natuurlijk dat de metingen op zich niet relevant zijn, zolang je ze niet afzet tegen de maatstaf. Met behulp van 20 (!) grafiekjes werden de positieve en negatieve afwijkingen t.o.v. de strategische doelen gepresenteerd per type immaterieel activum en per type indicator. Deze exercitie dwong Sveiby om de indicatoren beter af te stemmen op de strategie, hetgeen leidde tot enkele kleine wijzigingen. Bovendien werd het aantal voetnoten uitgebreid van 15 naar 29, waarschijnlijk omdat de monitor nog te veel vragen op riep (in 1998 waren het er zelfs 32). Met deze voetnoten onderscheidt de Celemi-IAM zich nadrukkelijk van die van de Skandia Navigator, alwaar wordt gesteld dat een balans uitleg moet geven en geen vragen moet oproepen. In 1998 wordt de IAM voor het eerst gepresenteerd door de President en CEO van Celemi zelf en niet meer door Sveiby. In dit jaar ontbreekt de gewogen methode, vanwege "internal restructuring". In plaats daarvan wordt een Value Added Statement (VAS) opgenomen die veel minder ver gaat dan de gewogen methode. Deze VAS is niet meer dan een samenvatting van de winst en verliesrekening, aangevuld met enkele key indicators, die deels ook al in de IAM zijn terug te vinden. Conclusie Ondanks het sterk experimentele karakter biedt de Celemi Intangible Assets Monitor een zeer consistent (en dus goed vergelijkbaar) beeld van de immateriële activa. Uit de ervaringen van Celemi blijkt wel dat het enkele jaren duurt voordat een dergelijk instrument is uitontwikkeld en voldoende informatie geeft om iets zinnigs te zeggen over de ontwikkelingen. Met de keuze voor externe publicatie in 1995 nam Celemi een risico dat slechts weinig organisaties aandurven: inzicht in de belangrijkste bron van waardecreatie. Het lijkt er echter op dat de gewogen methode van 1997 een stap te ver ging. Juist deze gewogen methode gaf een unieke, extra dimensie aan de metingen. De Value Added Statement lijkt weer een stapje terug in de richting van traditionele verslaggeving. De vraag is natuurlijk wat het verslag over 1999 ons zal brengen. Literatuur: Interessante links: e-mail: |